|
HET VERHAAL VAN DE GENDTSE STAPELS
Onze familietak stamt waarschijnlijk af van David Stapel, ca.1730 geboren in het Pruisische Pommeren, en Anna Margaretha Böger, die hun eerste zoon Johann Henrich kregen in 1758 bij Gelsenkirchen (D). Vanaf 1760 vinden we hen en hun jongere kinderen in Gendtse (G) doopboeken, waarin zij tot 1800 ook wel Stabel heetten. David zou als scheepstimmerman naar Gendt zijn getrokken om werk te vinden in een van de 3 of 4 scheepswerfjes die daar toen waren. De Stapels uit Gendt waren honkvast, maar hadden door de nabije Rijn een brede horizon. Heel wat Stapels vonden een bruid of bruidegom elders in NL of D. De meesten werkten op de boerderij, in de steenfabriek of op de Rijn, maar de Johannes (geb.1796) tak in de Graafschap (Achterhoek) was meer administratief. Ik tel in totaal 13 politiemannen ofwel 2% van mijn Stapel stamboom excell werkblad. Ik vond tot heden geen verbinding met andere regionale Stapel familietakken in Groningen (bijv. Jan Adolfs Stapel), Drenthe (bijv. Willem Lucas Stapel), West-Friesland (bijv. Gerrit Stapel), Zuid-Hollandse eilanden (bijv. Mattheus Stapel), noord-west Duitsland of Scandinavië. Evenmin kon ik kleine 16e tot 18e eeuwse families Stapel in Amsterdam, Leiden, Oosterhout, Steenbergen, Bergen op Zoom en Den Bosch met elkaar of met de grote regionale groepen verbinden. Wel hebben Gentse Stapels een bloeiende tak gevormd in Den Haag, vanaf 1825 toen Willem, eerstgeborene van David's tweede zoon Frederik, daar trouwde. Vier van de twaalf kinderen van zijn neef David (II) volgden een halve eeuw later: Johannes, Bernardus*, Johanna Cornelia* en Elisabeth (* na huwelijken in de Hoornse familie Bierenbroodspot). Begin twintigste eeuw hadden meer dan honderd nakomelingen van de vijf Gendtse Stapels in Den Haag gewoond of woonden er nog steeds. Daarnaast stamden toen zo'n 25 Haagse Stapels af van de Groningse schipper Hendrik Stapel die via Amsterdam rond 1875 ook naar den Haag kwam. Mijn overgrootvader Jan Willem Carel (1830-1920) gaf een eigen impuls aan de verspreiding van onze familie, als eerste van Davids' achterkleinkinderen. Hij trouwde in 1859 nog in Gendt, maar werd later dat jaar rijksveldwachter in noord Limburg. Hij en Elisabeth Ederveen kregen in Afferden tien kinderen waarvan er vijf volwassen werden. Bijna 50 jaar oud werd hij nog overgeplaatst naar Heijen (L) en in 1879 naar Steenbergen in west Noord-Brabant. In 1883 gingen zij naar Roosendaal waar nieuwe industrie ontstond en niet veel later bovendien een internationaal spoorweg station met werk voor veel familieleden in treinen, grensstation en werkplaatsen. Hij kon niet voorzien dat zowel zijn oudste als zijn jongste zoon een pijnlijke en gewelddadige dood zouden sterven temidden van alle vooruitgang, door het veiligheids- en gezondheids- onbenul in die fase van de industrieële revolutie (zie persberichten over Jan Stapel en over Bernard Stapel. De mobiliteit van de spoorwegen en de beloften van een nieuwe wereld inspireerden velen van ons tot verdere migratie. Dat begon met twee van Jan Willem Carel's kinderen , die eind 19e eeuw langs verschillende routes in Amsterdam terecht kwamen en daar ook een springplank vormden voor de volgende generatie Stapels waarvan er vier korter of langer in Amsterdam woonden: Chris, Henk, Marinus en Rie. En ook mijn oom Carel Swolfs. Maar de meesten gingen verder, vooral naar west- en zuid Nederland, maar ook emigratie naar Canada, de VS en recent nog Frankrijk en Nieuw Zeeland. De telefoongids vermeldde in 2007 nog maar 8 Stapels in de Betuwe, Achterhoek en noord Limburg. In heel Nederland waren dat er voor alle vijf Stapel takken samen bijna 250, alsvolgt: N-Holland 70, Flevoland 6, Z-Holland 49 waarvan 14 in Den Haag, Zeeland 7, Utrecht 15, Noord-Brabant 18, Limburg 6, Gelderland 22, Overijssel 18, Drenthe 28, Groningen 2 en Friesland 5 (gsm en geheime nummers niet meegeteld). Mijn onderzoek tot april 2008 omvat naast familie overlevering en documenten ook gegevens uit 23 archieven en van internet. Onze tak telt 18 nog levende mannelijke Stapels die de naam verder zouden kunnen dragen, waarvan 6 ouder dan 60 jaar. Zo'n 29 overleden mannelijke Stapels hadden mogelijk nog niet gevonden mannelijke nakomelingen. Overigens kunnen kinderen tegenwoordig ook hun moeder's naam aannemen. |